Het medisch beroepsgeheim: waarom vertrouwelijkheid belangrijk is

Geplaatst op 5 maart 2012 door - 6549 keer bekeken

Na enkele incidenten ontstond in februari 2012 een maatschappelijk debat over het medisch beroepsgeheim. Eerst vond neurochirurg Tulleken het nodig om als niet-behandelend arts het Nederlandse volk te informeren over de gezondheidstoestand van Prins Friso. In dezelfde week raakte het VUmc in opspraak vanwege TV-opnamen voor een RTL programma. Juist enkele dagen daarvoor had minister Opstelten van Veiligheid en Justitie tijdens het KNMG-congres “Komt een agent bij de dokter”, nog een pleidooi gehouden om het medisch beroepsgeheim niet “in beton” te gieten. Toch neem ik aan dat de minister niet instemt met deze incidenten…



Mede gelet op de beschikbare ruimte, ga ik hieronder uitsluitend in op “de zaak VUmc” In die zaak maakten medewerkers van Eyeworks tussen 20 januari en 5 februari 2012 beeld- en geluidopnamen van ongeveer 1500 patiënten die de Spoed Eisende Hulp (SEH) van het VUmc bezochten. De patiënten werden vooraf geïnformeerd via posters en folders, maar dus niet persoonlijk. In sommige gevallen kan dat ook niet bij patiënten die naar een SEH worden gebracht. Aan 215 patiënten was achteraf toestemming gevraagd om het beeldmateriaal uit te mogen zenden. 150 patiënten zouden die toestemming ook hebben gegeven. De medewerkers van Eyeworks hebben waarschijnlijk wel meegekeken en -geluisterd met de behandeling van de overige 1285 patiënten, maar die beelden waren kennelijk niet interessant genoeg om uit te zenden.

Bij dit incident ging het niet alleen om privacygevoelige informatie die valt onder het medisch beroepsgeheim, maar ook om privacygevoelige handelingen. De wet bepaalt dat een hulpverlener een patiënt moet behandelen zonder dat anderen daarbij meekijken of -luisteren, tenzij die patiënt heeft aangegeven dat goed te vinden. Die ‘anderen’ zijn niet degenen die meewerken aan de behandeling, zoals SEH-verpleegkundigen. Ook voor vertegenwoordigers van patiënten (denk aan de ouders van kinderen) geldt een uitzondering. Maar die uitzondering geldt natuurlijk niet voor medewerkers van televisieprogramma’s. Zij mogen alleen met de behandeling meekijken en –luisteren als de patiënt daarvoor vooraf toestemming heeft gegeven. Dat aan 215 patiënten achteraf om medewerking (toestemming) is gevraagd, maakt geen verschil. In elk geval is in alle 1500 gevallen de vertrouwelijkheid van de behandeling geschonden door het VUmc. De patiënten hadden dus simpelweg niet gefilmd mogen worden. De KNMG ‘Richtlijnen inzake het omgaan met medische gegevens’ is hier duidelijk over. Onder het kopje ‘Opnamen voor radio en televisie’ staat dat patiënten vooraf toestemming voor de opnamen moeten geven. Ook mogen er geen opnamen gemaakt worden van patiënten die niet in staat zijn om toestemming te geven, zoals geïntoxiceerde, comateuze of anderszins wilsonbekwame patiënten. In het algemeen zullen SEH-patiënten – uitzonderingen daargelaten – niet in staat zijn om daarvoor weloverwogen ‘informed consent’ te geven.

 Het medisch beroepsgeheim is bedoeld om de vertrouwelijkheid van patiëntgegevens te waarborgen. Maar ook de behandeling van patiënten moet dus vertrouwelijk gebeuren. Beide vormen van vertrouwelijkheid dienen een tweetal fundamentele belangen. In de eerste plaats het maatschappelijk belang dat een ieder zich vrijelijk en zonder vrees voor openbaarmaking van het toevertrouwde om bijstand en advies tot een hulpverlener moet kunnen wenden. Wie zich tot de gezondheidszorg wendt moet op vertrouwelijkheid kunnen rekenen. Men mag zich niet geremd voelen om hulp te zoeken uit angst dat dit ter kennis komt van anderen dan de hulpverlener. Burgers hoeven niet te twijfelen aan de vertrouwelijkheid van hun gegevens en van hun behandeling door de dokter. Zou dat anders zijn dan zou men kunnen besluiten om geen hulp in te roepen of op een te laat moment. Aldus moet bijvoorbeeld ook een psychiatrische patiënt of een moeder met haar kind met blauwe plekken zonder vrees voor openbaarmaking medische hulp kunnen inschakelen.

In de tweede plaats dient vertrouwelijkheid een individueel belang van de patiënt die de hulp van een hulpverlener inroept. Dit individuele belang bestaat uit een privacybelang (vertrouwen dat de meest intieme informatie niet bij anderen terecht komt) en een individueel gezondheidsbelang (vrij zijn om de meest intieme informatie te verstrekken teneinde zo goed mogelijk behandeld te kunnen worden). 

In de Nederlandse wetgeving en rechtspraak is het maatschappelijke en individuele belang van vertrouwelijkheid reeds sinds decennialang erkend. Wat de recente incidenten illustreren is dat de korte termijn behoefte aan informatie, soms mede uit nieuwsgierigheid en entertainment, het belang van de vrije toegang tot de gezondheidzorg voor een ieder in gevaar brengt. Dat mag natuurlijk nooit gebeuren!



Er zijn 2 reacties geplaatst


  • Jaap Buitink | 10 maart 2012

    Tip: dit item overlapt een ander discussieonderwerp in deze groep: 'Beroepsethiek is meer dan schenden beroepsgeheim arts prins Friso'; zie: http://www.linkedin.com/groupAnswers?viewQuestionAndAnswers=&discussionID=98769513&gid=92579&commentID=72091658&trk=view_disc&ut=1GUEay7iY4BB81

  • I van der Sluis | 8 maart 2012

    Het is ongelooflijk dat u zo ontzettend veel woorden nodig heeft om aan te geven dat er gewoon geen camera's mogen worden opgehangen in een behandelruimte zonder dat daar toestemming voor is gevraagd.
    Het 2e deel van uw betoog gaat over de vertrouwelijkheid van het medisch beroepsgeheim. Dit is slechts voorbehouden aan werkers in de zorg die te vertrouwen zijn. Daar valt nog veel aan bij te scholen.


Laat een reactie achter


Uw naam wordt vermeld op de website bij uw reactie. Uw e-mailadres wordt niet op de website getoond en is enkel bekend bij de redactie. ZorgkaartNederland respecteert uw privacy.
Met het inzenden van een reactie geeft u aan akkoord te gaan met de gedragcodes.

Velden met een * zijn verplicht

Partners van ZorgkaartNederland