Naar de navigatie Naar de inhoud

Wijkverpleging krijg je samen

Geplaatst op 23 mei 2024 door - 746 keer bekeken

Foto Wijkverpleging krijg je samen

In 2005 raakt Piet Mulder (71) plotseling deels verlamd. Sindsdien haalt een wijkverpleegkunde hem dagelijks uit bed en helpt hem op bed. Ook krijgt Piet hulp met aan- en uitkleden en bij persoonlijke verzorging.

“Wijkverpleging heeft veel impact op ons leven gehad”, schetst Piet zijn situatie. “Met de nadruk op ons. Medewerkers van een vorige organisatie kwamen namelijk op momenten die vooral hén goed pasten. José en ik woonden samen. Om die inbreuk op haar privacy ging ik apart wonen, in een woning vlakbij die van José.”

Het einde was in zicht

Wat Piet mankeert, weet niemand zeker. Hij lijdt vermoedelijk aan de gevolgen van het Guillain-Barré syndroom (GBS). Hierbij valt een lichaam de eigen gezonde zenuwen aan. Zo ook bij Piet. Op een zekere ochtend in 2005 blijft hij in bed met een griepje. Althans, dat denkt hij dan nog. Dat het eigenlijk een stúk serieuzer is, hoort hij acht weken later. Wanneer hij bijkomt op de intensive care.

Piet: “Het laatste dat ik me herinner, is dat ik tegen José zei: ‘Ik voel me zo beroerd, ik blijf in bed.’ Zij vertrouwde het niet en belde de volgende dag de huisarts. Die deelde José’s zorg en liet een ambulance voorrijden. Het schijnt dat ik de trappen nog ben afgelopen en met de ambulancebroeders heb gesproken. Maar dat weet ik allemaal niet meer.”

Piet blog
Dankzij een aangepaste auto kon Piet nog een hele tijd zelf naar werk rijden. 

Niet meer samen verder

Piet wordt afhankelijk van een rolstoel. Hij kan namelijk niet meer lopen. En ook werken gaat niet meer. Deze noodgedwongen pauze duurt anderhalf jaar. Wanneer hij daarna weer aan de slag kan, betaalt werkgever Defensie mee aan een aangepaste auto. Hier kan Piet met rolstoel en al in. Zo kan hij toch op zijn werk komen.

Een verhuizing van de kazerne betekent echter het einde van Piets loopbaan. Piet: “De reistijd werd langer. En dat kostte me te veel energie. In overleg met UWV besloot ik toen te stoppen. Dat was moeilijk, maar ook een opluchting. Want het betekende het einde van een lastige tijd.”

“In mijn werkende jaren stond de wijkverpleging om 7.30 uur op de stoep. José wilde dan altijd al uit de veren zijn. Dit vroege opstaan begon haar tegen te staan. Ik verhuisde daarom. En nu hebben we een lat-relatie. Dat lag dus niet geheel aan die organisatie voor wijkverpleging, maar de beperkte mogelijkheid om zelf een tijdstip te kiezen heeft niet geholpen.”

Door de huisarts op het juiste spoor

Helaas is er voor Piet en José het nodige op de zorgkwaliteit aan te merken: “Wij denken dat één zorginstelling van iedere cliënt tijd afsnoepte om per dag meer cliënten te kunnen zien. En bij de andere aanbieder gebeurde ook rare dingen. Ze zouden om 7.30 uur komen en kwamen doodleuk om 10.30 uur. Of dat ze zo naar binnen stiefelden zonder José gedag te zeggen. Als ik er dan iets van zei, lachten ze me gewoon uit.”

Wanneer voor Piet en José de maat vol is, vragen ze de huisarts om advies. Piet: “De praktijkondersteuner bracht ons toen in contact met mijn huidige aanbieder van wijkverpleging. Die hoorden me tijdens een intake aan en beloofden het helemaal anders te gaan doen. Ik dacht: eerst zien, dan geloven.”

Eigen regie is belangrijk

Piets angst blijkt niet nodig. Hij is nu namelijk heel tevreden: “Mijn huidige wijkverpleegkundigen communiceren goed en maken gebruik van een handig digitaal systeem. Hierin zien we wie er komt, hoe laat die komt en wat ze over me opschrijven. Dat vind ik heel fijn.”

“Ik snap best dat ze niet iedere dag al mijn wensen kunnen vervullen”, zegt Piet. “Daar kunnen we het dan over hebben. Mijn vorige aanbieder van wijkverpleging had prima kunnen opbellen: ‘Piet, we komen een half uurtje later’. Dan ben ik echt de moeilijkste niet. Mijn huidige aanbieder doet dat. En ze accepteren het ook als het bij mij anders loopt. Als ik ’s avonds eens later terug ben van een theaterbezoek, dan kondig ik dat aan en helpen ze me wat later op bed. Kan het niet? Dan heb ik gewoon pech. Zo flexibel ben ik dan ook wel.”

Voor Piet is goede communicatie belangrijk omdat dit bijdraagt aan eigen regie. En daar gaat het hem vooral om: “Ik vind het belangrijk dat ik ook wat over mijn zorg te zeggen heb. Ik ga bijvoorbeeld liever niet liggen afwachten tot ze me uit bed komen halen. Daarom hebben we afspraken gemaakt. En dat loopt nu heel goed.”

Piet blog (1)
Piet is dol op muziek en draait elke dag een plaat. 

Volop genieten van het leven

Piet kan sommige dingen niet meer, maar geniet nog van het leven. “Ik deed een periode allerlei vormen van vrijwilligerswerk. Maar ook als ik alleen ben, verveel ik me nooit. Ik ben gek van muziek en draai veel platen: Golden Earring (ik blijf een Hagenees hè), Queen, Beatles, en Franse chansons.”

Wat Piet vooral nog gelukkig maakt, is zijn liefde voor José. Hij zegt, ontroerd: “We kenden elkaar pas anderhalf jaar, toen ik ziek werd en in het ziekenhuis belandde. Zij heeft mij niet laten vallen. Dat doet me heel veel.” 

In gesprek met je zorgverlener over wat het beste bij jou past?
Deze tips helpen je op weg

 



Er zijn nog geen reacties. Laat een reactie achter

Nog geen reacties geplaatst


Laat een reactie achter

Uw naam wordt vermeld op de website bij uw reactie. Uw e-mailadres wordt niet op de website getoond en is enkel bekend bij de redactie. ZorgkaartNederland respecteert uw privacy.
Met het inzenden van een reactie geeft u aan akkoord te gaan met de gedragcodes.